- Klimaatadaptieve Stad
Fieldlabs én pilotlocaties: beide onmisbaar voor (klimaatadaptieve) innovatie
PhD onderzoek uitgelicht

PhD onderzoek uitgelicht

Hannah doet al bijna twee jaar onderzoek met een focus op het opschalen van innovatieve oplossingen. Het uiteindelijke doel van haar PhD-onderzoek is om samen met partners effectieve werkwijzen en praktische handvatten te ontwikkelen voor het werken in fieldlabs. Na een literatuuronderzoek naar samenwerking binnen verschillende innovaties, is ze in de praktijk gedoken en volgt ze onder anderen een aantal ondernemers die hun innovatieve oplossingen op The Green Village hebben getest.

Een eerste opvallende bevinding uit haar onderzoek is dat innovaties met natuurelementen, zoals groene daken, andere strategieën gebruiken voor experimenteren dan puur technische oplossingen. Op basis van haar diepgaande onderzoek naar vier innovaties over een langere periode legt Hannah uit dat wisselende seizoenen, lokale omstandigheden en natuurlijke processen elk experiment uniek maakten.
"De natuur beïnvloedde waar ondernemers experimenteerden, hoe zij resultaten interpreteerden, hoelang tests duurden en op welk moment van het jaar er werd geëxperimenteerd,"
Omdat de natuur geen constante variabele is, verschillen omstandigheden per locatie en seizoen. Het gevolg is dat elk experiment anders uitpakte, ook wanneer het product hetzelfde was. Dit maakte het moeilijk om voorspelbare resultaten te behalen, aangezien een typische ingenieursaanpak in zo’n geval tekortschiet.

Hannah benadrukt dat het ontwikkelen van goedwerkende innovaties vraagt om het vroegtijdig testen in verschillende contexten en seizoenen. Succesvolle innovaties werden daarom op meerdere praktijklocaties beproefd; zorgvuldig gekozen op basis van hun natuurlijke kenmerken. Tegelijkertijd maakten ondernemers gebruik van laboratoria om onderdelen van de natuurlijke omgeving in een gecontroleerde setting na te bootsen. Dit hielp om experimentresultaten beter te interpreteren. Voor natuurgebaseerde innovaties is het nuttig om een aangepaste checklist te gebruiken die ook externe locaties buiten het fieldlab meeneemt.
In de praktijk betekende dit ook dat ondernemers moesten inspelen op het ritme van de natuur, zelfs wanneer dit botste met de planning van eindgebruikers of klanten. Deze afstemming was vaak complex en vroeg om flexibiliteit. Voor ingenieurs was dit extra uitdagend, omdat zij gewend zijn aan stabiele omstandigheden en hun experimenteerprocessen moesten aanpassen aan een dynamische, veranderlijke context.
Fieldlabs zijn een cruciaal onderdeel voor het versnellen van het innovatieproces. The Green Village biedt een veilige experimenteerruimte waar innovatoren niet bang hoeven te zijn om een opdrachtgever teleur te stellen. Fouten zijn hier juist leerzaam, in plaats van kostbaar. Naast wetenschappelijke waarde, zoals onderzoek en onderwijs, en technische waarde, zoals data, feedback en legitimiteit, bieden fieldlabs ook maatschappelijke waarde. Hannah licht toe: “Fieldlabs zoals The Green Village helpen bij het in kaart brengen van uitdagingen, creëren marktkansen voor het opschalen van innovaties en zorgen voor zichtbaarheid van innovaties.”

Hoewel The Green Village een realistische experimenteeromgeving biedt, is er nog steeds sprake van een zekere mate van controle. Pilotlocaties binnen gemeenten en waterschappen kunnen een cruciale aanvulling zijn doordat ze ‘in het wild’ zijn en de dagelijkse realiteit nog beter representeren. De samenwerking met Living Lab Binckhaven in Den Haag is daar een mooi voorbeeld van.
Hannah zag in haar onderzoek dat sommige eindgebruikers en afnemers bij tests op pilotlocaties betrokken waren en ondernemers advies gaven over onderhoud en context. Dit hielp ondernemers in hun leerproces en in sommige gevallen om uitdagingen vroegtijdig te signaleren voordat deze leidden tot mislukking. Flexibiliteit van klanten en eindgebruikers blijft een belangrijke randvoorwaarde, benadrukt Hannah:
"Niet elke innovatie werkt direct; ruimte om te leren en bij te sturen is cruciaal. Dit geldt zeker bij natuurgebaseerde oplossingen."
In de laatste fase van haar onderzoek richt Hannah zich op waardeketens: Welke activiteiten in fieldlabs en pilotlocaties genereren waarde voor gemeenten, waterschappen en innovatoren? En hoe kunnen partners daarin meebewegen? Hierbij gaat het om innovatie- en marktontwikkeling, maar ook om professionele ontwikkeling en netwerkontwikkeling. Dit onderzoek zal meer inzoomen op de welbekende ‘hink-stap-sprong’ methode die we binnen VPdelta en op The Green Village gebruiken. Eerst veilig hoppen in het fieldlab (techniek en concept), dan stappen naar pilotlocaties (praktijk en beheer), en vervolgens springen naar bredere implementatie.
Wil je meer weten over het onderzoek? Bezoek de website van Fieldlabs@Scale, waar dit onderzoek onderdeel van is.
Meewerken als gemeente of waterschap aan de volgende studie? Neem contact op met programmamanager Lindsey Schwidder.
015 278 20 64